De verkiezingsoverwinning van Die Linke in Berlijn was verwacht, maar toch verraste de omvang ervan nog vele commentatoren. Een linkse regering werd mogelijk, net als in de nabijgelegen deelstaat Meckelenburg-Vorpommeren. De vergelijking met 1936 werd hier en daar getrokken, toen linkse coalities de opmars van het fascisme in Frankrijk en Spanje wisten tegen te houden. Dat bleek echter maar tijdelijk en ook in Berlijn zal de vreugde van korte duur zijn als Die Linke haar antikapitalistische beloftes over onteigening van institutionele verhuurders niet waar kan maken.
Eén thema sprong er uit in de verkiezingscampagne van Die Linke: betaalbaar wonen. Terwijl Berlijn na de val van de Muur jarenlang gekend bleef om zijn relatief lage huren is de Duitse hoofdstad geleidelijk duurder en duurder geworden. Inmiddels is ze een metropool als een ander, dat wil zeggen: panden zijn opgekocht, opgedeeld in kleinere wooneenheden en verhuurd voor vele appelen en eieren. Een groeiend aantal Berlijners heeft daardoor moeite om de eindjes aan elkaar te knopen. Die Linke heeft hun zorgen tot het kernstuk van haar programma gemaakt, met als resultaat dat vooral veel jongere kiezers, voormalige niet-kiezers en teleurgestelde Groenen hun stem aan burgemeesterskandidaat Elif Eralp hebben gegeven. Ze lijkt daardoor een Europese en vrouwelijke kopie van de New Yorkse burgemeester Zohran Mamdani.
‘Pandjesprins’
Mamdani werd vanaf dag één door rechts bestempeld tot communist, terwijl zijn maatregelen bescheiden zijn en hooguit wat knabbelen aan de bestaande machtsverhoudingen. Eralp wil overgaan tot onteigeningen en het installeren van een huurplafond. Dat is nog steeds geen equivalent van de bestorming van het Winterpaleis maar het jaagt veel kapitalisten alvast hoog in hun eigen gordijnen. Voeg daarbij dat de hiervoor noodzakelijke coalitiepartners sociaaldemocraten en Groenen veel minder happig zijn rechts op de tenen te trappen en het wordt duidelijk dat die onteigeningen nog geen vaststaand feit zijn. Toch is er geen weg terug. Overal in Europa voltrekt zich hetzelfde vastgoedproces. Lissabon en Athene zijn slechts de laatste voorbeelden van onbetaalbaar dure hoofdsteden. Madrid kende in het vorig decennium een gelijkaardige politieke ommezwaai als in Berlijn, rond hetzelfde thema. Toen heette de winnaar Podemos. Madrid laat ook zien waar een kosmetische huurhervorming toe leidt: tot de terugkeer aan de macht van rechts en het achter hun hand lachen van vastgoedeigenaren. In Amsterdam verkocht prins Bernard junior, bijgenaamd ‘de pandjesprins’, onlangs de talloze huizen die hij in de hoofdstad had opgekocht, opgeknipt en voor veel geld verhuurd. Het leverde hem honderdzestig miljoen euro op.
De nieuwe creatieve klasse
De grote steden zijn niet van vandaag op morgen getransformeerd in duurte-eilanden. In zijn boek Gentrifidingsbums, ode eine Stadt für alle, beschrijft de Duitse journalist en activist Christoph Twickel het sluipende proces van gentrificatie, waarmee academici, startup ondernemers, influencers en rijkeluisstudenten volkswijken geleidelijk infiltreren. De saaie buurt wordt hip, de slager op de hoek maakt plaats voor een espressobar, de meubelwerkplaats voor een yogastudio. Dat ‘hip’ is een codewoord voor makelaars en projectontwikkelaars zich op zo’n buurt te storten, panden op te kopen, te slopen of renoveren en nadien de prijs ervan te verveelvoudigen. De Amerikaanse econoom Richard Florida noemde die diverse groep van nieuwe stadsbewoners in zijn gelijknamige boek ‘de nieuwe creatieve klasse’. Twickel heeft een betere benaming voor deze mensen: de bionade bourgeoisie. Zodra de bionade de slappe koffie en het Cara pils heeft vervangen, begint de prijsspiraal aan zijn omhoogklimmende beweging. Dat wil niet zeggen dat deze nieuwe stadsbewoners daaraan schuldig zijn, wel dat ze dit proces overal en onbedoeld mogelijk maken.
Verzet van onderop
Elif Eralp blijkt bijzonder populair binnen de generatie tot 34 jaar. Dat zou moeten betekenen dat ook veel bionade burgers hun stem aan haar partij hebben gegeven. De recente verkiezingen zijn dus ook een teken dat onder degenen die in eerste instantie van dit gentrificatieproces hebben geprofiteerd het besef doordringt dat ‘het zo niet langer kan’. Natuurlijk overlapt dit met hun zorgen over de opkomende AfD, maar als dit laatste hun belangrijkste overweging was, hadden ze net zo kunnen stemmen hun collega’s en geestesgenoten in het nabije Meckelenburg-Vorpommeren: massaal voor de SPD en Die Linke daardoor juist een nederlaag bezorgen. Om niet teleurgesteld te raken zal er de komende jaren méér nodig zijn dan een rechte rug voor Elif Eralp. Een beweging van onderop zal die rug moeten helpen stutten, met nieuwe eisen, nieuwe acties en overwinningen tegen individuele speculanten en verhuurders. In zijn boek beschrijft Christoph Twickel aan de hand van zijn eigen stad Hamburg, hoe zo’n veelkleurige verzetscoalitie er uit kan komen te zien en welke deeloverwinningen ze kan scoren. Wil de euforie na deze verkiezingszege niet inzakken als de bekende pudding, dan zal Die Linke evenveel energie dienen te steken in buitenparlementaire actie als in onderhandelen op het scherp van de snede in het Berlijnse stadhuis.