Op 4 maart waren er in Italië parlementsverkiezingen. De  ‘populistische’  Vijfsterrenbeweging (M5S, ‘Movimento 5 Stelle’, gesticht door ‘komiek’ Beppe Grillo en nu geleid door Luigi Di Maio) kwam er als grootste uit de bus met 32% van de stemmen; anderzijds maakte de uiterst rechtse Lega Nord o.l.v. Matteo Salvini een electorale doorbraak met een stijging van 4% naar 17%. Berlusconi’s Forza Italia behaalde 14%, de sociaaldemocratische Partito Democratico (PD)  van ex-premier Matteo Renzi bijna 19%.

M5S en de Lega begonnen aan onderhandelingen om een regering te vormen, maar onenigheid over het premierschap leidde er half mei toe dat een buitenstaander, de rechtsprofessor Giuseppe Conte, als toekomstig regeringsleider naar voren geschoven werd en door Italiaans president Mattarella gevraagd werd een regering te vormen. Als minister voor economie en financiën werd door de Lega Paolo Savona voorgesteld, een gepensioneerde professor economie die ook functies had gehad in de banksector en de Italiaanse politiek, maar voor het wakend oog van Europa één onoverkomelijk gebrek heeft: hij sprak zich uit voor de uitstap van Italië uit de euro. President Mattarella  weigerde de kandidatuur van Savona, Lega en M5S weigerden deze afwijzing, en formateur Conte werd van zijn opdracht ontslagen.

Mattarella benoemde op 28 mei een gewezen IMF-directeur, ene Carlo Cottarelli,  die  – mits hij een vertrouwensstemming overleeft – een ‘zakenkabinet’ moet leiden tot aan de volgende verkiezingen, begin 2019. Als hij die stemming niet overleeft zouden er reeds in het komende najaar nieuwe verkiezingen zijn.

Op het eind van het artikel ziet men dat de Britse auteur uit de Italiaanse gebeurtenissen ook enkele lessen wil trekken voor de linkerzijde in Groot-Brittannië.

Klap op de vuurpijl: Intussen werd bekend dat het scenario er toch weer anders uitziet. Lega en M5S hebben de kandidatuur van Savona als minister van economie en financiën ingetrokken en vervangen door een andere economieprofessor, Giovanni Tria. President Mattarella heeft daarop opnieuw de eerste kandidaatpremier Conte aangeduid als regeringsleider. Legaleider Salvini zou minister van binnenlandse zaken worden (met alle risico’s vandien, zie het artikel hieronder), M5S-leider Di Maio minister van Arbeid en Industrie. De regering Conte zou morgen 1 juni ingezworen worden.

Deze ontwikkelingen tonen duidelijk aan hoe wankel het Europese bouwsel is, en vooral welke splijtzwam de euro betekent. Er is méér: ook vandaag werd het zo goed als zeker dat de Spaanse regering Rajoy ineenstort ten gevolge van de corruptieschandalen. Griekenland was een makkie, maar wat als de rest van Zuid-Europa niet langer door betrouwbare eurofielen bestuurd wordt?

Ook binnen de EU-elites kan men de zenuwen nog moeilijk onder controle houden. Eerst was het EU-commissaris Oettinger die meende dat de Italianen hun lesje wel zouden leren onder invloed van de financiële markten; hij werd door Raadsvoorzitter Tusk en Commissievoorzitter Juncker berispt wegens gebrek aan respect voor de kiezers. Maar  dezelfde Juncker werd vandaag door zijn christendemocratische collega Tajani, Italiaan en voorzitter van het Europees Parlement, de mantel uitgeveegd wegens uitspraken over de Italianen die meer werk moeten maken van bestrijding van armoede en corruptie.

Crisis in Italië: noch  EU, noch racistische nationale souvereiniteit zijn oplossing

Mattarella’s gewaagde zet

De racist Salvini kon zich geen betere speechwriter wensen voor zijn komende verkiezingscampagne dan de Italiaanse president Mattarella. Deze sprak zijn veto uit over Salvini’s keuze van Savona, een eurosceptische econoom, als minister voor economie; hij deed dat om Italië’s plaats binnen de Europese Unie veilig te stellen, en voor het respecteren van de strikte regels over overheidsbestedingen. Men kan zich al de  zeer efficiënte verkiezingsslogan voorstellen van Salvini of Di Maio, zijn coalitiepartner van de Vijfsterrenbeweging (M5S): Wie bestuurt  Italië: het volk dat een Lega-M5S meerderheid verkoos, of de bureaucraten en bankiers in Brussel, of de Duitsers? Iedereen verwacht dat Mattarella’s keuze voor een nieuwe premier, Cottarelli, die in een vorige regering toezicht hield op het soberheidsbudget, de vertrouwensstemming niet zal overleven, zodat er vervroegde verkiezingen komen in de herfst.

De media en de traditionele politieke krachten zijn in overgrote mate pro-Mattarella, maar ook daar vragen sommigen zich af of zijn uitstel niet leidt tot een nog veel grotere crisis; volgens opiniepeilingen zouden de Lega en M5S nog een veel sterkere meerderheid kunnen behalen bij verkiezingen in september of oktober. De voorgestelde regeringsovereenkomst bevat niets over een terugtrekking uit de euro of zelfs maar een referendum; er is alleen maar sprake van het onderhandelen over nieuwe bepalingen in verband met de Italiaanse schuld en de beperkingen op de openbare uitgaven. Had men de regeringsvorming haar loop gelaten [met de Lega en M5S] en daarbij gerekend op haar interne contradicties zodat ze maar een kort leven beschoren was, vlug gevolgd door verkiezingen, dan zouden de traditionele soberheidspartijen (zoals de Partito Democratico of Berlusconi’s Forza Italia) misschien terug aan zet gekomen zijn. Maar blijkbaar oordeelden de dominante kapitalistische krachten dat zelfs maar het risico op wat meer publieke uitgaven, zelfs door een prokapitalistische regering, voor bijvoorbeeld een iets betere sociale zekerheid, vermeden moet worden, want dat zou populair kunnen overkomen en moeilijk teruggedrongen kunnen worden.

Volgens sommige commentatoren is het de eerste maal dat een President effectief een regering geblokkeerd heeft omwille van politieke meningsverschillen, eerder dan omwille van opportuniteitkwesties. Een dergelijk antidemocratisch, en volgens sommigen ongrondwettelijk manoeuvre, werd nooit ondernomen tegen Berlusconi, die nochtans veroordeeld werd voor frauduleuze praktijken. Mattarella is ook niet erg bezorgd over de racistische plannen van Salvini, die minister van Binnenlandse Zaken zou worden en een half miljoen migranten onder dwang wou deporteren en een immens nieuw netwerk van detentiecentra wou uitbouwen. Er was geen enkele verwijzing naar dit soort beleid bij de motivatie om Savona te weren.

Massale overheidsschuld

Net zoals Groot-Brittannië heeft Italië momenteel af te rekenen met een slappe economische groei, maar de echte achilleshiel is de enorme schuldenberg. De afbetaling ervan gebeurt grotendeels door de uitgifte van overheidsobligaties die opgekocht worden door banken en investeerders. Maar als de rentevoet op deze obligaties groter wordt dan het gemiddelde in Europa kan dit de regering heel veel gaan kosten, en het vertrouwen in deze obligaties ook doen dalen. Gewoonlijk vergelijkt men de Italiaanse rentevoet met de Duitse, het verschil is de zogenaamde spread. Toen Berlusconi in 2011 moest aftreden en vervangen werd door de technocraat Monti bedroeg de spread ongeveer 500 basispunten [5 rentevoetprocenten]; verleden week neigde de spread naar 200 basispunten. De Italiaanse banken zouden zo een 10% van de obligaties in handen hebben, en als gevolg daarvan kwetsbaar zijn. Aandelenmarkten krijgen een rammeling terwijl we dit aan het schrijven zijn. Politici die zich keren tegen Lega en M5S schilderen het scenario van een euro-exit met zware verliezen voor mensen die Italiaanse overheidsobligaties bezitten. Een terugkeer naar de lire zou inderdaad een devaluatie van de schuld betekenen.

Waarom werden Lega en M5S populair?

De reden waarom Lega en M5S een meerderheid haalden wordt misschien nog het best geïllustreerd aan de hand van een uitspraak van Susanna Camusso, leider van de grootste vakbond CGIL. Ze staat essentieel volledig achter Mattarella’s standpunt, en betoogt dat de werkersbelangen liggen in de verdediging van Italië’s verantwoordelijk gedrag binnen de begrotingsnormen van de EU. De Partito Democratico, waarvan de politieke lijn domineert binnen de CGIL, had in de voorbije jaren een soberheidsbeleid en ‘moderniseringsprogramma’ – stijl New Labour – gevoerd dat de werkende mensen hard trof en de kracht van de vakbonden erg verzwakte.

Er zouden meer dan 2 miljoen kiezers bij de recente verkiezingen overgestapt zijn van de Partito Democratico naar M5S. Veel mensen die met pensioen wilden gaan werden verplicht langer te werken. Het voorstel van M5S voor een basisinkomen van ongeveer 750 € per maand zou Italië dichter bij het sociale zekerheidsregime van Noord-Europa gebracht hebben, en was zeer populair in het Zuiden, waar de armoede het grootst is. Anderzijds was er het voorstel van de Lega voor een vlaktaks, populair bij de kleinburgerij en de Legabasis onder de kleine ondernemers.

Als de linkerzijde en de werkende klasse niet langer politieke protagonisten zijn, zoals dat gedurende decennia het geval was, al was het maar op een slappe  sociaaldemocratische wijze, en in het bijzonder na de omwentelingen van 1969 toen veel vooruitgang werd geboekt, als links dus niet langer aan zet is, kan de politieke ruimte bezet worden door vreemde combinaties van populistische krachten, zoals de alliantie van Lega en M5S. Voor kiezers die vroeger links van het centrum stemden was de Vijfsterrenbeweging bijzonder aantrekkelijk, wegens sommige goede ecologische standpunten, een anti-corruptie en pro-transparantie houding, en hun verzet tegen verkwistende openbare werken zoals de hogesnelheidstrein naar Turijn. De opkomst van Di Maio in de beweging betekende een verzwakking van de orthodoxe, compromisloze vleugel, en de gematigder institutionele stroming kreeg de meerderheid. Dat veroorzaakte een ruk naar rechts, in het bijzonder wat betreft de antimigratieretoriek die het pad effende voor het samengaan met de Lega, ook al veroorzaakte dit spanningen bij de basis van M5S.

Anderzijds heeft Salvini de Lega uit de parochiale sfeer van het Padaanse (1)Padania, regio van Noord-Italië ‘nationalisme’ gehaald, en er de dominante kracht binnen centrum-rechts van gemaakt, ten koste van de verouderde Berlusconi. Salvini’s vrienden zijn Oban in Hongarije, Le Pen in Frankrijk en hij is er trots op om de schrik te zijn van de Roma, en migranten in het algemeen. Hij pocht dat hij het is die de bulldozers afstuurt op Romakampen. In veel opzichten is hij een efficiëntere politicus dan Nigel Farage (2)Farage, de oprichter en xenofobe stokebrand van het Britse UKIP, want hij spreekt ook de werkende bevolking aan; hij heeft niets van de jurist of academicus die doorgaans de traditionele Italiaanse politieke partijen vertegenwoordigt. Hij spreekt op een simpele, volkse manier. Het is geen verrassing dat Salvini zo populair geworden is, wetend hoe de leiders van de werkende klasse verworden zijn, hoe de Communistische Partij evolueerde naar de Partito Democratico, de vrucht van het ‘historisch compromis’ waar men een groot deel van de christendemocratie in terugvindt.

Hoe het verzet organiseren? Hoe een echte linkerzijde uitbouwen?

Wat moeten we doen? Radicaal links, zoals Communia Net, Potere al Popolo of Sinistra Anticapitalista, heeft terecht de zet van Mattarella aan de kaak gesteld, maar zonder enige steun of illusie in de Lega-M5S-coalitie. De opdracht vandaag is de beweging weer op te bouwen, op de werkvloer, door zelforganisatie en wederzijdse solidariteit en door electorale initiatieven zoals Potere al Popolo. Men moet geen enkele hoop stellen in de Partito Democratico of zijn satellieten, zoals LEU (Liberi e Uguali).

Politieke coalities aangaan rond een of andere onkritische pro-EU linkse kracht zal nergens toe leiden. Het is inderdaad waarschijnlijker dat Renzi en Bonino proberen een pro-EU coalitie te vormen om Di Maio en Salvini in september een halt toe te roepen. Maar men moet er niet aan twijfelen dat de instabiliteit zal voortduren, en het is zeer goed mogelijk dat de linkerzijde zich zal moeten heropbouwen onder omstandigheden waar de populistische en nationaal-soevereinistische krachten in een regering zitten vanaf de herfst. Een prioritaire taak zal de verdediging zijn van het half miljoen migranten die onmiddellijk bedreigd worden met deportatie.

Dit hele verhaal maakt duidelijk wat de werkelijke verhouding is tussen de Staat, verkiezingen en democratie. Als het volk stemt op een wijze die niet aanvaardbaar is voor de dominante kapitalistische belangen, zijn alle vormen van verkrachting van de democratie en economische chantage toegelaten. Dergelijke manoeuvres kunnen op internationale schaal uitgevoerd worden. Iedere benadering van de politiek die de internationale dimensie niet ernstig neemt is tot mislukken gedoemd.

Ook voor de beweging van Corbyn is dit een belangrijke les. We kunnen een historische electorale overwinning behalen met een regering die het opneemt voor de werkende klasse, maar het is absoluut noodzakelijk om zich voor te bereiden op alle aanvallen en manoeuvres die een heersende klasse kan uithalen, ook al worden haar belangen maar een beetje bedreigd. Er is meer nodig dan stemmen. De massa moet zich bewust zijn van wie deze aanvallen uitvoert, en waarom, en moet concrete vormen van zelforganisatie ontwikkelen om er tegenin te gaan. Ze moet daarbij vooral niet rekenen op de Parlementaire Labour Party (3)Met de Parliamentary Labour Party worden de parlementsleden (‘MP’s) van de Britse Labour Party bedoeld. Ze vormen grotendeels een soort partij in de partij, en de meesten hebben met socialisme weinig te maken. De verkiezing van een linkse figuur als Corbyn tot partijvoorzitter van Labour was voor de meesten een doorn in het oog, en ook vandaag moet Corbyn afrekenen met de tegenkanting van heel wat MP’s

Dit artikel verscheen oorspronkelijke op Socialist Resistance, de site van onze Britse zusterorganisatie. Nederlandse vertaling: Ander Europa.

Voetnoten

Voetnoten
1 Padania, regio van Noord-Italië
2 Farage, de oprichter en xenofobe stokebrand van het Britse UKIP
3 Met de Parliamentary Labour Party worden de parlementsleden (‘MP’s) van de Britse Labour Party bedoeld. Ze vormen grotendeels een soort partij in de partij, en de meesten hebben met socialisme weinig te maken. De verkiezing van een linkse figuur als Corbyn tot partijvoorzitter van Labour was voor de meesten een doorn in het oog, en ook vandaag moet Corbyn afrekenen met de tegenkanting van heel wat MP’s