Op 12 mei 2023 organiseerde de Antwerpse afdeling van SAP – Antikapitalisten (in samenwerking met het Ernest Mandelfonds) een solidariteitsavond met de Iraanse revolutie. Voorafgaand aan een vertoning van de film Divorce Iranian Style (film van Kim Longinotto en Ziba Mir-Hosseini) legde Mahdieh Fahimi (activiste bij Woman*LifeFreedom Gent) uit hoe de zaken er voorstaan in het woelige Iran van vandaag.

Verkiezingsvervalsing

Mahdieh legde uit hoe in 2009 het islamistisch regime het resultaat van de verkiezingen vervalste. Deze gestolen verkiezingen vormden zo de aanzet tot massaal protest. Voor het eerst uitten miljoenen mensen hun teleurstelling in het heersende systeem van de ayatollahs. Deze protesten werden neergeslagen.

Teheran

In 2018 kwam het tot nieuwe protesten in Teheran, wat een echte ‘klassenstad’ is. In het noordelijke gedeelte van de stad wonen vooral arme mensen, die voor het eerst ook in beweging kwamen. Aanleiding was de slechte economische situatie, veroorzaakt door corruptie, het de facto stopzetten (door Donald Trump) van het internationale ‘atoomakkoord’ – waardoor de economische sancties tegen Iran niet versoepeld werden – en de aanpak van de Corona-pandemie, die vooral gevoeld werd door de lagere sociale klassen. Dit alles leidde tot veralgemeende verontwaardiging, die eveneens tot uiting kwam bij de Iraanse diaspora, ook in België.

Miljoenen Jina’s

In 2022 werd Jina Mahsa Amini, een 23-jarige Koerdische vrouw, vermoord door de zogenaamde zedelijkheidspolitie van de staat. Zij wakkerde de vlam van de revolutie in Iran weer aan. Er zijn miljoenen Jina’s in Iran, die terugvechten tegen de Islamitische Republiek in haar totaliteit. De kleinste daad van verzet doet niet alleen het fundament van het islamitische regime schudden, maar opent ook wegen voor anderen om in opstand te komen.

Vrouwen en Koerden

Vrouwen zijn een plaag voor dit regime. Maar opstandige vrouwen zijn hun ergste nachtmerrie. Vandaar dat de slogan ‘Vrouw, Leven, Vrijheid’ universeel werd opgenomen in heel Iran. Deze slogan was oorspronkelijk afkomstig uit de Koerdische beweging. Met zijn ‘Jineologie’ plaatste de Koerdische PKK-leider Abdullah Öcalan de vrouwen centraal en bepleitte hij een ‘symbiotische’ aanpak, waarbij de vrijheid van vrouwen de mate van vrijheid van een samenleving bepaalt. Want “Een land kan niet vrij zijn als de vrouwen niet vrij zijn.” Het is dan ook niet toevallig dat het precies de Koerdische minderheid was, die het eerst de protesten belichaamde en er inhoudelijk vorm aan gaf. Temeer omdat de islamitische kledingregels bij deze Koerdische minderheid van oudsher in vraag worden gesteld.

Repressie

Hoever staat het na 9 maanden met deze revolutionaire beweging? Terwijl eerdere protestbewegingen zich vooral richten op onvolkomenheden van het regime, wordt nu openlijk geëist ‘weg met het regime’. Dat regime heeft dan ook een stevige deuk gekregen. In eerste instantie reageerde het regime met massale repressie. Meer dan 20.000 mensen zijn gevangen genomen. Een aantal jonge mannen werden geëxecuteerd. Honderden mannen, vrouwen en kinderen zijn brutaal op straat vermoord. Allemaal omdat ze fundamentele mensenrechten durfden op te eisen. Omdat ze na 44 jaar onderdrukking het recht opeisen om te kiezen wat ze met hun lichaam doen. Om te kiezen wat ze dragen. Om te kiezen van wie ze houden. Om te kiezen welke persoon ze willen zijn.

Legitimiteit

Ondertussen werd van de harde aanpak over gegaan tot een ‘zachtere’. Er is weinig tot geen zedenpolitie meer op straat te bekennen. Tegelijk is er sprake van massa-surveillance, via camera’s en verklikkers. Teheran blijft in het verzet een centrale rol spelen, net als verschillende minderheden (Koerden, Arabieren, …). De onderlinge solidariteit blijft groot, ondanks de golven der repressie, de voortdurende provocaties, de visering van minderheden en de executies. Zo wordt het dragen van de hoofddoek nog steeds massaal geweigerd, ook op de werkvloer. Er is met andere woorden een barrière doorbroken – de legitimiteit van dit symbool van de islamitische republiek is aangetast en daarmee ook de legitimiteit van die islamitische republiek zelf.

Convergentie?

Zoals bij elke revolutionaire ontwikkeling is het protest meervoudig van aard. Niet alleen nationale minderheden, waaronder de Koerden, eisen hun rechten op. Ook de werkende klasse komt meer en meer in beweging, wat zich uit in uiteenlopende stakingen en protesten bij de olie-arbeiders, de leerkrachten en de ‘bazari’s’ in Teheran en andere grote steden. Ook de studenten blijven zich massaal roeren. Belangrijk is ook dat de eerste vrouwenbeweging (in 1979) voortkwam uit de arbeidersbeweging. Toen gingen Iraanse vrouwen de straat op, roepend “We hebben geen revolutie gemaakt om terug te keren in de tijd!”, “Vrijheid is niet Oosters, noch Westers, wel wereldwijd!”, “De vrijheid van vrouwen is de vrijheid van de samenleving!”. Het is historisch gezien onvermijdelijk dat al deze protestbewegingen vroeg of laat met elkaar zullen convergeren.

Verdeelde diaspora

In België is de diaspora verdeeld, om politieke redenen, tussen links en rechts. Alle Iraanse oppositionele bewegingen zijn hier vertegenwoordigd. Dit leidt tot onderlinge confrontaties tussen deze bewegingen, waarin de meeste ‘gewone’ mensen niet echt geïnteresseerd zijn. De nationalistische oppositie wil eigenlijk de ‘grandeur’ van Iran (zoals zij meenden dat die bestond onze de in 1979 afgezette Shah) herstellen. Zij eisen vooral dat de Iraanse Revolutionaire Garde op terroristenlijst van de Europese Unie geplaatst wordt. Voor vele gewone Iraniërs is dat een moeilijke zaak. Want de Revolutionaire Garde is eigenlijk een heel leger, waar ook de kinderen van de gewone Iraniërs bij ingelijfd worden.

Welke eisen?

Een andere kwestie vormt de ruil van Iraanse gevangenen, zoals de Belg Olivier Vandecasteele, tegen veroordeelde Iraanse terreurzaaiers. Daarover onderhandelen met het regime, betekent ook een de facto erkenning van dat regime. Daarom lijkt het beter om een eis als ‘bevries de rekeningen’ (van het regime) naar voor te schuiven. Belangrijk is verder ook dat de solidariteit meer ontwikkeld wordt, vooral vanuit de vakbonden.

Toekomst?

Op korte termijn ziet de toekomst voor de Iraanse volksmassa’s er misschien niet zo goed uit. Want ondanks de enorme hoop en de massale solidariteit, moeten de mensen ook kunnen (over)leven. Op langere termijn kunnen we echter hoop putten uit het feit dat er bij de jongeren definitief iets gebroken is. Dat zal het regime nooit meer kunnen terugdraaien!