Vrouwen en de klassenstrijd in Marokko

Vrouwen spelen een belangrijke rol in de Hirak-protesten in Marokko. Tijdens een bijeenkomst over de beweging in Londen sprak Souad Jellal, vakbondsactiviste binnen de Marokkaanse vakbond voor overheidspersoneel, over de noodzaak om de strijd voor vrouwenemancipatie te verbinden met de strijd tegen bezuinigingen en neoliberalisme.

De discriminatie van vrouwen in Marokko heeft ertoe geleid dat vrouwen 30 procent minder verdienen dan hun mannelijke collega’s. Maar er is ook ongelijkheid in geletterdheid: 64 procent van de meisjes onder de 15 is analfabeet, tegenover 38 procent voor jongens.

Voor jongeren tussen de 15 en 24 is dat 42 procent voor meisjes en 24 procent voor jongens. Vrouwen zijn ook oververtegenwoordigd in precaire arbeid. Van de vrouwelijke landarbeiders werkt 88 procent zonder contract, 73 procent van hen is onder de 15 en ze werken meer dan twaalf uur voor ongeveer twee of tweeënhalve euro.

Ook zijn vrouwen juridisch nog niet gelijk, wat veel vrouwen tot tragische wanhoopsdaden dwingt. Zo is er het bekende geval van Amina el Filali, die in 2012 door de rechter werd gedwongen om haar verkrachter te trouwen en later zelfmoord pleegde.

Maar de vrouwenbeweging is wel in staat geweest om een aantal rechten af te dwingen, waaronder het recht op onderwijs en het recht op werk. De helft van alle universiteitsstudenten en 45 procent van de beroepsbevolking is nu vrouw.

Vrouwen zijn ook in staat geweest om door strijd een einde te maken aan de patriarchale wet die toestemming van de echtgenoot als voorwaarde stelde als vrouwen een arbeidscontract aangingen. Sinds 1995 bestaat die wet niet meer. Ook het recht op scheiding dat tot 2004 het exclusieve recht van de man was, is gewonnen.

Vrouwen zijn steeds ruim vertegenwoordigd geweest in alle sociale strijd in Marokko. Tegen bezuinigingen, tegen privatiseringen en ga zo maar door. Helaas vertaalt zich dit nog niet in de vertegenwoordiging van vrouwen in de hogere lagen van de vakbeweging. Dat komt deels door de aanwezigheid van een patriarchale cultuur, maar ook omdat vrouwen de last van het huishouden dragen. Slechts 15 procent van de vakbondsleden zijn vrouw en als we de twee grote vakbondsfederaties samen nemen, is er maar een vrouw vertegenwoordigd in de leidende organen.

De vrouwenbeweging wordt gedomineerd door burgerlijke partijen die zich inzetten om de strijd te verminderen en tot juridische gelijkheid te beperken. Zij negeren de economische en maatschappelijke aspecten van de strijd, zoals de intensieve hyperuitbuiting en onderdrukking van arme vrouwen. Dit beperkt de massabasis voor de beweging en leidt tot een gebrek aan verbanden tussen vrouwen op werkplekken, in universiteiten en in de beweging voor werkloze vrouwen.

Alle emancipatoire krachten die geloven in gelijkheid tussen mannen en vrouwen zouden vrouwen moeten aanmoedigen om verantwoordelijkheden op zich te nemen in publieke organisaties, vooral de vakbeweging, en om de strijd aan te gaan tegen de reactionaire ideeën die de rol van de vrouw in de samenleving willen reduceren tot zorg voor de echtgenoot en de kinderen.

Ik geloof dat onze meest wezenlijke en belangrijkste taak nu is om een breed front te smeden die de bijzondere eisen van vrouwen kan verbinden met de algemenere eisen tegen neoliberalisme en bezuinigingen.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op socialisme.nu.

 

Print Friendly, PDF & Email

Laat wat van je horen

*

Share This