Europees rechts, van extreem tot ultra

droitexIn Frankrijk gooit een flink deel van rechts alle remmen los. De meest reactionaire manifestaties volgen elkaar in snel tempo op. Een journée de la colère gevolgd door een ‘Manif pour tous’ waarin alles wat door en door reactionair is wedijvert in haatcampagnes – met resultaat, want de Franse regering schoof prompt haar “familiewet” op de lange baan. Het uiterst-rechtse Front National (FN), op zoek naar respectabiliteit, wordt voorbijgestoken door openlijke fascisten. Dat Frans verschijnsel staat niet alleen. In Spanje, Groot-Brittannië, Italië, Hongarije, Polen, Roemenië, Bulgarije… is er een gelijkaardige verschuiving van rechts naar nog rechtser.

In Frankrijk maakte vorig jaar de wet op het openstellen van het huwelijk voor burgers van hetzelfde geslacht, het “homohuwelijk”, heel wat rechtse energie los. Al wat reactionair was schaarde zich achter het protest, fascisten, conservatieve katholieken, monarchisten, maar ook het gros van de rechtse UMP van ex-president Nicolas Sarkozy kwamen massaal op straat. Met honderdduizenden grepen ze de gelegenheid aan om hun afkeer uit te schreeuwen tegen al wat progressief is.

Action Française

De wet kwam er toch, maar door die campagne waren ultragroepen sterker geworden. Ze hadden zieltjes gewonnen, hun basis verruimd en ervaring met massamobilisaties opgedaan. Ze zaten klaar om de erfenis van die campagne tegen het homohuwelijk over te nemen. Vooraan de oude Action Française (AF), in 1898 opgericht in het zog van de Dreyfuss-affaire en dus al meer dan een eeuw een bastion van antisemitisme. Hun ideoloog is de schrijver Charles Maurras, na Wereldoorlog II tot levenslang veroordeeld wegens collaboratie. De ideologie van AF wil liefst terug naar vóór 1789.

Action Française richtte tijdens de massamobilisaties tegen het homohuwelijk de “Printemps français” op, bedoelt als een verlengstuk van de mobilisatie ‘la Manif pour tous’. Het kwam tot een breuk binnen de organisatoren van de manifestaties, boegbeeld Frigide Barjot weigerde nog mee op te stappen omdat de beweging teveel in handen was geraakt van ultra’s. In een manifest klaagde ze eind januari de “ideologische radicalisatie” van de demonstratie van 2 februari aan.

Op die betoging, Parijs en Lyon samen minstens 120.000 manifestanten, klaagden de actievoerders de “familiephobie” van de regering aan. Het homohuwelijk en nu de voorgestelde wet op de nieuwe vormen van voortplanting, het is volgens hen allemaal een complot van uiterst-links om de Franse samenleving te ondermijnen. In geöliede campagnes op de “sociale” netwerken worden grove leugens verspreid. De regering zou op school de homofilie promoten en het verschil tussen man en vrouw in vraag stellen. In feite richten ze hun pijlen op programma’s die de oude stereotypes willen doorbreken.

Colère

Een week eerder was er een “dag zonder school” waarbij ouders werden opgeroepen hun kinderen elke maand een dag thuis te houden als protest tegen het onderricht van immorele lessen, samengevat “la théorie du genre”, met ontkenning van de verschillen tussen geslachten. De beschuldigingen zijn klinkklare nonsens, maar bij redelijk wat ouders gaat het erin als zoete koek. In een honderdtal scholen werd de oproep om de kinderen van school te houden opgevolgd.

De “Manif pour tous” kwam een week na de “Jour de colère”, de dag van de woede. Daar stapten tussen 17.000 en 30.000 betogers op, in een manifestatie tegen al wat ook maar een beetje progressief is. Het uiterste van uiterst-rechts. Daar moest ook de EU het zwaar ontgelden: “Europe pédo, criminelle, sioniste, satanique”.

Wit-zwart

Een van de sleutelfiguren van die “colère” is de schrijver Alain Soral, ooit lid van de communistische PCF en nu zelfverklaard ‘nationaal-socialist’. Soral richtte in 2007 “Egalité et réconciliation” op, een beweging die wil recruteren in de probleemwijken waar veel jongeren met migrantenorigine wonen. Soral zat toen bij het FN, maar brak er sindsdien mee. Zijn kompaan is de “komiek” Dieudonné die met zijn “humor” over joden goed scoort bij sommige Arabische en zwarte jongeren.

Een andere kompaan is Farida Belghoul, een van de organisatoren dertig jaar geleden van de “Marche des beurs” die de jongste jaren radicaal-rechts omarmde. Ze trekt net als Soral van leer tegen joodse complotten die ’s lands waarden bedreigen. Dat antisemitisme en negationisme leiden ertoe dat bijvoorbeeld op de “Jour de colère” blanke racisten samen met zwarte en Arabische jongeren de stoottroepen leverden. Dat fascistoïde ultragedoe past niet in het kraam van Marine Le Pen die haar FN respectabel wil maken om zo kiezers weg te halen bij de rechtse UMP. Maar die UMP schuwt zelf ultra-rechts niet. Binnen de UMP bestaan fracties, genre la Droite Forte, die bijna even reactionair zijn.

En links staat daar vertwijfeld tegenover. Hoe te reageren op het uitbuiten van onwetendheid, op een hersenspoeling met leugens? Minister van Binnenlandse Zaken Manuel Valls dacht enkele weken geleden de optredens van Dieudonné te moeten verbieden, maar in een tijdperk van YouTube en co leidt dit alleen maar tot meer bijval voor de “komiek”.

Europees verschijnsel

De radicalisering van rechts doet zich, in diverse graden, ook in enkele andere landen van de EU voor. In Spanje werpt de regerende rechtse Partido Popolar (PP) zich zeer agressief op het in 2010 ingestelde abortusrecht. Minister van Justitie Alberto Ruiz-Gallardon kan op de actieve steun van de erg reactionaire Spaanse bisschoppen rekenen in zijn kruistocht die de stempel draagt van Opus Dei. Het is een ideale manier om de aandacht weg te halen van de sociale crisis en van de vele corruptieschandalen waarbij PP-kopstukken en het paleis betrokken zijn. Rechts wil van de maatschappelijke crisis gebruik maken om de klok op alle terreinen terug te draaien.

In het Verenigd Koninkrijk wordt rechts met de dag verkrampter. Het succes van de eurofobe xenofobe UKIP weegt zwaar op de achterban van de Conservatieven. De coalitieregering van Conservatieven en Liberaal-Democraten gaat mee met de stroom en koppelt een zeer strak neoliberaal beleid aan een anti-migrantenpolitiek. De people media dragen hun steentje bij aan de hysterie rond de vrees voor massale immigratie uit Oost-Europa.

In Italië probeert de Lega Nord uit haar crisis te komen met een hysterisch racistische campagne. Haar aanvallen op minister Cecile Kyenge, van Congolese origine, tarten elke verbeelding door hun ongemene grofheid. Het is werkelijk alle remmen los. Met haar campagne tegen de “euro als misdaad tegen de mensheid” staat ze niet alleen. Want ook de M5S van “komiek” Beppe Grillo zet alle rationaliteit opzij voor een verkiezingscampagne die steeds hysterischer – onder meer vrouwvijandelijk – wordt. M5S zou volgens peilingen 25 % van de stemmen halen bij de Europarlementsverkiezingen.

Maar nergens gaat het nog zover als in Hongarije. Want daar is het de regerende Fidesz, lid van de Europese Volkspartij (EVP), die alsmaar verder gaat met de nationalistische hersenspoeling van de samenleving. Ze doet haar werk grondig in het onderwijs waar de scholieren elke dag hun patriottisme moeten bewijzen. Het onderwijs krijgt nieuwe handboeken waarin geloof in de plaats van wetenschap komt, warain de geschiedenis even wordt herschreven, waarin de bijzonder reactionaire Acadamie voor kunsten toezicht op de handboeken krijgt. De scholieren moeten helden vereren die gewoon onbestaande zijn, legendes zijn belangrijker dan feiten.

De sociale crisis schept blijkbaar een vruchtbaar terrein voor obscurantistische krachten. Hun opmars is echter niet vreemd aan de afwezigheid en stilte van linkse partijen en vakbeweging, of zelfs aan het beleid dat ze als regeerders voeren of voerden. Het wordt hier en daar stilaan vijf voor twaalf.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op Uitpers. 

 

Print Friendly
Share This